Ingrediënten:
◊ 200gr kabeljauwhaasje per persoon
◊ mosterd
◊
3 dl water
◊ peper, zout, tijm, laurier
Voor de tapenadekorst
◊ 200 gr zachte boter
◊ 200 gr broodkruim
◊ zwarte tapenade
Voor de Putanescasaus
◊ tomaten
◊ look en sjalot
◊ zwarte olijven
◊ kappertjes
◊ gezouten ansjovis

Kabeljauwfilet met krokante tapenadekorstje.
Een alternatief voor de kabeljauw met peterseliekorstje... typischer voor onze streek
Daar gaan we:
Vermeng het broodkruim en de zachte boter. Meng hieronder voldoende zwarte tapenade zodat je een mooi zwart mengsel krijgt.
Breng het water aan de kook. Kruid stevig met peper en zout, tijm en laurier en laat trekken. Laat deze bouillon afkoelen.
Verdeel de kabeljauwhaas in porties per persoon. Smeer de bovenkant in met wat mosterd en druk er een schijfje van de tapenadekorst op. Schik in een ovenschotel. Giet de bouillon er voorzichtig rond. (Maak je korstje niet nat!) Zet 10 minuten in een oven van 200 graden. Het korstje wordt knapperig!
(opgepast: kabeljauw mag niet te gaar worden. Daar wordt hij taai van)
De Putanescasaus
Hak de look en sjalot fijn. Snij de tomaten (romatomaatjes) ik kleine blokjes.
Hak de olijven.
Fruit de look en de sjalot in olijfolie. Doe er de tomaten bij, zwarte olijven, een soeplepel kappertjes en enkele ansjovisjes. Laat de saus een 10 tal minuten sudderen.
Leg wat van de saus op een bord en leg daarop je kabeljauw. Serveer met aardapplepuré met olijfolie, look en peterselie